Zaadjes zaaien – hoe doe je dat?

door | sep 22, 2020 | Actueel, Guerrilla Gardeners, Guerrilla Gardening tips, Inspiratie, Instagram | 0 Reacties

Zaadjes zaaien – hoe doe je dat?

Je hebt misschien onze blog gelezen over zaden oogsten. Leuk en aardig, al die zakjes en potjes gedroogde zaden, maar wat doe je er vervolgens mee? In dit blog leggen we je de basis van het zaadjes planten uit.

Laten we maar gelijk met de deur in huis vallen: er is niet één juiste manier om zaadjes te planten. Er zijn ontzettend veel bloemen en planten en zoals je bij het oogsten van de zaadjes hebt gezien heeft iedere plant zijn eigen maniertjes. De verschillen in grootte, vorm en structuur van de zaadjes vertalen zich naar de beste manier om te zaaien. Er is dus heel veel te leren over zaaien. Maar, laat je hierdoor niet afschrikken! Oefening baart kunst, en we hebben een aantal handige tips voor je die je helpen bij het kweken van een prachtige bij-vriendelijke bloemenzee.


Wilde bloemzadenmix

Tip 1: spreid je kansen

Zaai niet al je zaadjes in één keer. Planten hebben een natuurlijke bloeiperiode, die vaak over enkele maanden verspreid is. Als jij je zaadjes dus verdeelt over bijvoorbeeld drie zaaiperiodes, dan kun je drie keer zo lang van het resultaat genieten! Zorg er dus voor dat er altijd wat te strooien in je jaszak zit 😉


Tip 2: kies de grond

Het is van belang om te zaaien op grond die jouw zaadje goed opvangt. Een té harde ondergrond kun je dus best een beetje losmaken (denk aan de grond onder een verwijderde stoeptegel). Kijk dus voor je zaait even naar de grond. Te hard? Dan kan je zaadje zich moeilijk nestelen. Te drassig? Je zaadje stroomt met de volgende bui zo de goot in…

Zorg er ook voor dat er niet teveel natuurlijke vijanden in de buurt zijn. Brandnetels zijn bijvoorbeeld flinke woekeraars – grote kans dat jouw zaadje zich in het brandnetelbos geen weg naar boven weet te groeien. Vaak is er aan de randen van prikstruiken vaak weer wél plek voor een bloemenrand.


Tip 3: de juiste diepte

Zaadjes hoeven niet zo diep de grond in, ongeveer 1,5 tot 2 keer het formaat van het zaadje. En ja, dat betekent voor mini-zaadjes zoals die van de klaproos dat ze echt maar 2 mm onder de aarde gaan. In jouw guerrilla-buurttuin kun je hier meer aandacht aan besteden dan wanneer je gaat wildzaaien. De natuur is namelijk zeer intelligent en kent de regels van voortplanting heel goed. Je hoeft dus niet met een liniaal op pad te gaan. 


Klaprozen groeien niet in kaarsrechte rijtjes

Tip 4: zaai op natuurlijke wijze

Die liniaal kun je sowieso thuislaten, want ook voor de afstand tussen de zaadjes nemen we de natuur als voorbeeld. Ooit weleens een kaarsrecht rijtje klaprozen in de berm zien staan? Nee dus. Je hoeft niet nauwkeurig af te meten waar je zaadjes precies de grond in gaan. Een handje zaadjes kun je het best soepeltjes in de breedte werpen – zo krijg je een natuurlijk effect én creëer je tussen de zaadjes voldoende ruimte voor groei. Trouwens, als je wildzaait heb je niet eens tíjd voor zo’n meting. Je werpt in het voorbijgaan vlot wat zaadjes opzij en klaar!


Tip 5: benoem je bloem

Wil je graag weten welk groen sprietje er boven de grond uitkomt in je guerrillatuin? Zorg er dan voor dat je jouw gezaaide grond markeert. Zo voorkom je dat je wilde-bloemen-zaailingen verwart met je komkommer en aubergine. Veel bloemen en kruiden kun je trouwens prima gebruiken in de keuken, is nog lekker en gezond ook.

Markeren doe je natuurlijk niet als je wildzaait. Wel kun je een mentale notitie maken. Steeds als je langsloopt of fietst check je even hoe het met ‘jouw’ zaadjes gaat!


Tip 6: water geven

De zaadjes die je zaait hebben al flink wat voedingsstoffen bij zich, zodat ze kunnen ontkiemen. Voor je wildgezaaide zaadjes geldt natuurlijk dat de regen je helpt met water geven, maar je kunt ook best af en toe met een gieter langs gaan. In je eigen tuin let je extra op in droge periodes, en sproei je met je gieter wat extra liefde de grond in. 

Door water te geven zorg je ervoor dat je plantjes verder kunnen groeien. Let op dat je liever sproeit dan een dikke straal water geeft. Dan kunnen de zaadjes namelijk wegspoelen of te wegzakken. Dan zullen ze eerder gaan rotten dan bloeien. 


Tip 7: wees geduldig

Ja, ook na het zaaien is er tijd nodig voordat je bloempjes zich zullen laten zien. De ene soort is natuurlijk sneller dan de ander. Juist tijdens dit wachten is het superleuk om de groei goed in de gaten te houden. Als je fotootjes maakt van het proces zul je zien hoe je zaadjes zich ontwikkelen. Des te leuker is de dag dat ineens de bloem tevoorschijn komt!


Tip 8: eenjarige bloemen

Veel van de bloemen die goed zijn voor bijen en vlinders zijn eenjarig. Dat betekent dat ze één jaar bloeien, vervolgens zichzelf weer uitzaaien en dan afsterven. Het volgende jaar groeit er een compleet nieuwe plant.

Veel eenjarige bloemen kun je vanaf half april buiten zaaien. Met soorten die niet tegen vorst kunnen, wacht je het best tot half mei. Veel wilde bloemen kun je prima aan het einde van de zomer zaaien – de tijd van het jaar dat de plant het zelf ook doet. Ze zullen dan als kleine plantjes overwinteren en in het voorjaar vroeg bloeien. Denk bijvoorbeeld aan bolderik, kamille, klaproos, korenbloem. Toevallig bloemen die wij verkopen in onze zaadjespakketten 🙂


Zaaddoos met zaadjes van de stokroos

Tip 9: twee- of meerjarige bloemen

Twee- of meerjarige bloemen bloeien pas vanaf het tweede jaar, waarbij meerjarige planten soms zelfs pas in het derde of vierde jaar tot bloei kunnen komen. Deze soorten kun je dus met gemak in de zomer zaaien. Het jaar erop is de kans groot dat je eer ziet van je werk! Voorbeelden van tweejarige bloemen: stokroos, vingerhoedskruid, middelste teunisbloem. Meerjarig zijn onder andere margriet, madeliefje, rode klaver, dropplant en rode zonnehoed.


Tip 10: scarificatie = extra hulp

Het is niet noodzakelijk, maar je kunt nóg iets doen voor je zaadjes. Door ze voor je gaat zaaien een nachtje in warm water te laten weken, help je het zaadje om makkelijker te ontkiemen. Dit proces heet ‘scarificatie’. In de wilde natuur gebeurt dit bijvoorbeeld door vorst en dooi, of doordat een vogel het zaadje opeet en uitpoept. De natuurlijke beschermlaag van het zaadje wordt opengebroken en er ontstaat een litteken (scar). Hierdoor kan het zaadje in het voorjaar makkelijker ontkiemen. Neem van ons aan: het is niet nodig om een vogel na te bootsen. Je zaadjes een nachtje in warm water laten weken heeft hetzelfde effect.


Bloemwonder

In ieder zaadje dat je in je hand houdt, huist álle voeding die het nodig heeft om onder de grond te ontkiemen en álle informatie die het nodig heeft om te groeien tot de bloem die ze in essentie is. Dat is toch fantastisch?

Gooo zaadjes! En GO YOU! Veel plezier met zaaien!


Tot slot

Vergeet tot slot het volgende niet: zelfs als je alle tips ter harte hebt genomen kan het nóg gebeuren dat je bloemen niet opkomen. Dit hoort erbij! De natuur heeft zo haar eigenaardigheden… Ook al zorgen wij voor de perfecte basisomstandigheden, de balans tussen zuurstof, vocht en warmte is een fragiele. Wij hebben nu eenmaal niet alles in de hand.

Hoe dan ook: je hebt je best gedaan! Blijf positief en verwacht een verrassing… je weet het nooit met die zaadjes!


Heb jij nog een goede zaaitip? Deel het met ons in de comments!

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Archief