Bloembom workshop in een handomdraai

Bloembom workshop in een handomdraai


Deze vraag krijgen we heel vaak: “Kunnen jullie ook een workshop bloembommen maken komen geven?” Natuurlijk kan dat! Maarre, is het niet leuker om het zelf te doen?
We hebben hierover flink nagedacht en zijn trots om je de ‘spullenbox’ te presenteren! Deze kun je bij ons huren. Tadaa!

In de ‘spullenbox’ vind je alle materialen die je nodig hebt als je met een grote(re) groep bloembommen wil maken. Het is speciaal gemaakt voor wie tijdens een buurtfeest, festival of in een schoolklas aan de slag wil voor de bij. 

Nu hoef je niet een dag te besteden aan het verzinnen hoe je het gaat aanpakken, en waar je alle spullen vandaan haalt. 🙂

Deze zomer waren we druk met het ontwikkelen van de box. Charly vond bij de kringloop prachtige bakken en lepels. We houden van al die verschillende kleuren en vormen! Bij een bevriende cateraar kreeg ze eierdozen.

Jenny schreef een handleiding waarin ze haar eigen ervaringen verwerkte én ook de tips en tops die ze kreeg van workshop-gevers uit de Guerrilla Gardening community. We maakte een nieuwe – makkelijker te begrijpen – instructie voor kinderen en mooie wervingsborden. Marly dacht mee over de logistiek van de verzending en zal de box ook versturen.

Want… de ‘spullenbox’ kun je bij ons huren. We willen immers niet werken met wegwerpmaterialen, maar mooie materialen die steeds door een nieuwe enthousiaste groep te gebruiken zijn. Voor 35,09 euro krijg je de spullenbox thuis. Laat je niet van de wijs brengen door het bedrag wat je in de webwinkel ziet: 85,09 euro. In dit bedrag is ook 50 euro borg inbegrepen. De borg krijg je terug wanneer we de box veilig weer terug hebben.

Omdat je soms zelf klei, compost en zaadjes hebt – of daar makkelijk aan kunt komen – stoppen we deze niet standaard bij de spullenbox. Naast de spullenbox kun je ook los de klei, compost en zaadjes voor een grote groep bij ons kopen.

Enne, o ja, de zaadjes in onze bloembommen zijn ook geschikt om in het najaar te zaaien. Dus geen reden om tot het voorjaar te wachten. 

Vooralsnog hebben we één box gemaakt. We zijn heel erg benieuwd wat de reacties op deze box gaan zijn. Als er veel enthousiasme is zullen we er meer maken!

Wat denk je, is het een goed idee, zo’n spullenbox?

Praktische tips voor een workshop bloembommen maken

Praktische tips voor een workshop bloembommen maken

Dus je wilt een kinderfeestje of les of buurtactiviteit opfleuren en spannend maken met een workshop bloembommen? In een eerdere blog schreven we al uit hoe je bloembommen maakt. In deze blog nemen we je specifiek mee in de praktijk van de workshop.

In de onderstaande tekst gaan we er vanuit dat je 1) de workshop voor kinderen geeft en 2) gebruik maakt van ons workshop-pakket bloembommen maken. Maar ook als je dat niet doet zal er genoeg nuttige info in staan om een knallende workshop te geven!


Om tevoren over na te denken

Samen ontdekken hoe bloembommen maken gaat is leuker dan alleen.

Hoe jonger de kinderen, hoe meer hulp je zult kunnen gebruiken. Het is makkelijker – en gezelliger – om wat meer volwassenen / ouders mee te vragen.

Wil je de kinderen tijdens de workshop laten samenwerken, of heb je liever dat ze alleen werken? De papieren stap-voor-stap instructie in het workshop-pakket gaat ervan uit dat je de ingrediënten in 5 delen verdeelt. Werken de kinderen alleen dan heb je dus een pakket per 5 kinderen nodig. Werken ze in tweetallen samen dan is een pakket voldoende voor 10 kinderen.

Wat moet je meenemen?

Kinderfeestje!
  • Klei, compost en bloemenzaadjes voor de bommen zelf. Dit is de inhoud van ons workshop-pakket. Als je wilt kun je hier ook chilipoeder aan toevoegen (houdt nare beestjes op afstand), maar dat hoeft niet. Je kunt natuurlijk ook ‘gewone’ (rivier)klei gebruiken en compost uit je tuin. Onze ervaring is dat rode kleipoeder het fijnste werkt, daarom is dat wat we in onze pakketten stoppen.
  • Water. Heb je geen kraan op de plek van je workshop? Neem dan water mee. Bidons of Doppers zijn hiervoor handig. Voor de bloembommen heb je maar heel weinig water nodig. Het is wel handig meerdere volle flessen mee te nemen voor het handenwassen.
  • Eierdozen. Onze ervaring is dat eierdozen perfect zijn om de ronde balletjes goed beschermd te bewaren. Ieder ander bakje of doosje is overigens ook goed.
  • Kommen. Het kan een beslagkom zijn, maar je kunt ieder waterbestendig bakje gebruiken dat je wilt.
  • Lepels: eetlepels en theelepels.
  • Hoeft niet, maar wel leuk: plantjes met bloemetjes. Het duurt een tijdje voordat de bloembommen zullen bloeien. Fleur de workshop meteen op door plantjes met bloemetjes mee te nemen die ieder kind na afloop meekrijgt.
  • Handdoeken of natte doekjes. Voor (tegen!) die smerige handen.
  • Wat je verder nodig hebt voor een fijne tijd 😉 Wat lekkers en drinken voor al die kiddo’s?

De tips voor de workshop

Vieze handen gegarandeerd!
  • Deel de papieren stap-voor-stap instructie uit aan de kinderen. Per bak bloembommen 1 instructie.
  • Verdeel zelf de ingrediënten of laat de kinderen zelf de hoeveelheden bij elkaar scheppen. Let er daarbij op dat ze een afgestreken lepel pakken. Als ze gaan hopen heb je onvoldoende ingrediënten!
  • De kinderen grijpen snel naar het water en vergeten daarbij soms om de bloemenzaadjes toe te voegen. Check dus voor ze de bloembommen gaan rollen of ze wel de zaadjes hebben toegevoegd 🙂
  • Over water gesproken. Niets blijkt leuker dan lekker veel water toevoegen. Al heel snel heb je per ongeluk teveel toegevoegd. Laat je workshop deelnemers steeds hele kleine beetjes in de kom doen, roeren, en dan weer wat meer toevoegen. Is het toch te nat? Geen man overboord: ook drekkige ‘hoopjes’ drogen vrij snel in de eierdoos en zijn prima bloembommen. Heb je nog ingrediënten over dan kun je ook extra klei en compost toevoegen om de massa weer droger te maken. Of misschien is er ook een naburige nog droge kom waarmee je alles kunt ‘middelen’?
  • De akkerbloemzaadjes die in onze pakketten zitten kiemen het beste als ze redelijk aan de oppervlakte van de bommen zitten. Vandaar onze tip om redelijk kleine bommen te maken. Zo ongeveer 2 centimeter in diameter. Deze bloembommen zijn dus heel klein! Je kunt bijvoorbeeld een knikker – de ‘bonk’ – meenemen als voorbeeld. Voor kleinere kinderen is het maken van kleine bommen lastig. Maken ze grotere bommen dan heb je er aan het einde in totaal dus minder.
  • Laat ze de bommen een beetje afplatten, vliegende schotels! (Bij het gooien blijven ze dan makkelijker liggen).
  • Ontstaat er paniek rond de eierdozen omdat er 10 putjes in de eierdoos zitten, en er zo’n 20 bommen per kom gemaakt worden? No worries: de bommen kunnen prima naast elkaar in de doos rusten.
  • MOET je de bommen laten drogen? NEE! Als je wilt kun je ze meteen ter plekke al gooien.
  • Organiseer een ‘gooimoment’ als het je idee is om een openbaar terrein op te vrolijken met bloemetjes. Als je het aan de kinderen zelf overlaat nemen ze het liefst alles mee naar huis voor de achtertuin 🙂

….

Om de activiteit verder aan te kleden

Er zijn zoveel dingen te doen om deze workshop nog leuker te maken. Wat mogelijkheden:

Kant en klaar workshop-pakket

De inhoud van het workshop-pakket.

In onze webwinkel kun je een workshop-pakket voor het maken van bloembommen kopen.

Wat zijn jouw ervaringen?

Mis je in de tekst hierboven een belangrijke tip? Heb je een suggestie voor een leuke film, quiz of andere activiteit om de workshop aan te kleden? Kom je toch nog ergens niet uit? Laat het ons weten in de reacties hieronder!

Bloembom test #3: granaten

Bloembom test #3: granaten

Bloeien mooi –
onhandig voor guerrilla gardenen

Je ziet ze in de winkel liggen: papieren granaten met kleurige kartonnen wikkels. Voor 5 euro koop je zo’n granaat gevuld met zaadjes. Heel mooi en superleuk om te geven. De guerrilla gardeners crew ging het experiment aan. Met als conclusie: nee, voor guerrilla gardenen zijn deze granaten niet handig. Maar ze geven veel planten!

Mei 2018 – In de wereldwinkel in Utrecht kopen we 3 soorten granaten: de ‘urban bloomer’, de ‘pollinator/beebom’ en de ‘firebom’. We bekijken:

  • Wat zit er in zo’n granaat?
  • Hoe (on)handig is het voorbereidende werk?
  • Hoe makkelijk is het gooien?
  • Wat groeit er uit de granaat?

Wat zit er in zo’n granaat?

Natuurlijk zijn we heel nieuwsgierig wat dit is. Dus als eerste peuteren we de stop uit de granaat en bekijken de inhoud. Je ziet organisch materiaal en witte- en goudkleurige korreltjes. Zaden zijn niet te zien. De inhoud weegt in twee van de bommen 7 gram, in de derde is het 9 gram inhoud.

Hoe (on)handig is het voorbereidende werk?

Dit is de stap die het minst succesvol zal blijken, en bij het guerrilla gardenen ellende zal opleveren. Volgens de instructies moet je de granaat vullen met water, tot hij zowel binnen als buiten volledig nat is. Dat moet je doen door steeds wat water toe te voegen en tussendoor 10 seconden te wachten. Het duurt echter lang voordat die buitenkant volledig nat is.

De urban bloomer is onze eerste poging. We gieten, en wachten, en gieten, en wachten. Het water sijpelt steeds langzaam uit de granaat. Dus we blijven gieten, en wachten… De korrels die in de granaat zitten drijven op het water en vloeien samen met het water uit de granaat wanneer we de deze bijvullen. Gelukkig staat de granaat op een schoteltje en kunnen we de inhoud dus opscheppen en terugstoppen. Maar als na twintig minuten de buitenkant van de granaat nog steeds niet nat lijkt zijn we moe van het steeds kleine beetjes bijgieten. Dan maar stoppen.

Ook bij de ‘pollinator’ duurt het vullen heel lang. Een half uur lang gieten we steeds kleine beetjes in de granaat. We hebben wel iets meer succes dan bij de urban bloomer omdat deze granaat wel aan de buitenkant nat lijkt te worden. Helaas gebeurt dat niet gelijkmatig. Doordat een kant van de granaat nat wordt, en de andere kant droog blijft zakt het geheel scheef.

De ‘firebom’ wordt juist heel snel nat, het water druppelt er aan de buitenkant uit. Na vijf minuten ligt onze granaat in een plas water en is hij gebarsten.

Kortom, het kost veel tijd om de granaat gebruiksklaar te krijgen. We zijn blij dat we niet buiten staan, bij een openbaar terrein waar we de granaat op willen gooien. Naast de tijd die we daar – ongemakkelijk – door zouden hebben moeten brengen , zouden we ook nog eens met een paar uit elkaar gevallen granaten in de handen hebben gestaan…

Hoe makkelijk is het gooien?

Tijd voor het echte werk – gooien! Dit gaat al wat beter. De instructie zegt dat we ervoor moeten zorgen dat de granaat openbarst bij het gooien – of bij het neerleggen. OK!

de firebom
de pollinator
de urban bloomer
gooien maar!

De twee granaten die nog intact zijn gooien we met een ferme klap op de aarde. De urban bloomer – die aan de buitenkant ook niet nat leek – barst niet open. Bij een tweede poging schuiven de twee helften een beetje van elkaar. De pollinator barst meteen open aan de kant die kleddernat is.

De firebom was al stuk, die leggen we maar netjes neer op de aarde.

Wat groeit er uit de granaat?

Het laten groeien van de granaten blijkt het meest succesvol van de stappen. Door het open laten barsten van de granaten is de inhoud al verspreid over de aarde. Er komen snel veel plantjes uit. De urban bloomer en firebom gaan als een speer. De pollinator / beebom blijft hierbij vergeleken iets achter.

Na een paar dagen beginnen de granaten al te ontkiemen. Na drie weken zijn er zoveel plantjes opgekomen dat ze niet te tellen zijn. Ze zijn 8 tot 15 cm hoog. Na een maand zijn de plantjes 15 tot 30 cm.

Na 5 weken zien we de eerste bloemknoppen aan de plantjes. Na anderhalve maand maand zijn de plantjes 35 tot 50 cm hoog. De eerste plantjes zijn gaan bloeien: korenbloem!

juli 2018 – de rest van het experiment loopt stuk op de ontzettend hete zomer. Alle plantjes verdorren.

januari 2019 – De plantjes blijken niet dood! Bij guerrilla gardeners HQ staan de granaten in het bloembom-experimenteercentrum. In alle potten staan kleine groene plantjes. Wie weet welke bloemen komend groeiseizoen nog zullen uitlopen!

Bloembommen en de wet

Bloembommen en de wet

De zon schijnt. Fietsers en auto’s razen langs. De stoep in deze Utrechtse straat is gelukkig breed. Langzaam loop ik op de boomspiegel die ik heb uitgezocht af. Mijn hart begint iets sneller te kloppen en ik merk dat ik alert ben op voetgangers. Kijken ze de andere kant op? Als ik parallel aan de boomspiegel loop ben gooi ik snel de bloembom uit mijn hand richting de aarde. En stap door. Weer gelukt!

Na een bloembom-missie vraag ik me altijd af waarom ik het toch zo spannend vind om het uit te voeren. Ik ben toch bezig om iets goeds te doen voor de stad? Hoe gaaf is het om mensen te verrassen met een bloemexplosie!

Ik ben niet de enige. Recent kreeg ik een mailtje van Jessica. Zij oogst in de herfst zaden van bloemen, en verspreidt deze weer in de stad. Zij vraagt zich af of ze hiermee in de problemen kan komen. Vanwege haar werk kan ze zich geen boete of strafblad veroorloven.

Stel dat er iemand ‘alarm’ slaat – de politie belt zelfs? Is er dan iets aan de hand?

Ik ben nu al zo’n 10 jaar bezig met het Guerrilla Gardening in Nederland en heb nog nooit gehoord van iemand die een boete heeft gekregen, of last heeft gekregen met de sterke arm der wet. Wel is er een keer een groep gewaarschuwd omdat ze in een wegberm bloembommen aan het gooien waren. Hierdoor gingen automobilisten afremmen om te zien wat er aan de hand was. Volgens de politie bracht het bloembommen gooien het verkeer in gevaar. De groep werd vriendelijk verzocht om een andere plek uit te kiezen.

Met welke wetten heb je te maken?

Onder voorbehoud – omdat ik geen jurist ben – hier een overzicht van de wetten waar je mee te maken hebt:

  • Volgens de flora- en faunawet mag je sommige planten niet uitzetten in de natuur. Dat pleit dus voor het gebruiken van inheemse, niet invasieve soorten.
  • Volgens de natuurbeschermingswet mag je in natuurgebieden geen ongewenste soorten introduceren.
  • De APV – de algemeen plaatselijke verordening legt uit wat er wel en niet mag in de stad. Iedere gemeente heeft zo’n set regels. Het kan verboden zijn om items te plaatsen in de openbare ruimte. Dat verschilt per gemeente. Dan gaat het natuurlijk over het algemeen over grotere objecten zoals bankjes enzo. Ik moet de eerste nog tegenkomen die klaagt over zaden!

Kortom, een boete op het gooien van bloembommen lijkt me heel onwaarschijnlijk, een strafblad al helemaal.

Hier zijn een paar simpele richtlijnen om te weten dat je goed doet:

  • gebruik je gezonde verstand 😉
  • verspreid zaden van inheemse soorten, zorg ervoor dat het geen agressieve soorten zijn die andere soorten verdringen.
  • de beste plekken om je bloembommen te verspreiden zijn stedelijke ‘leegtes’, daar waar je echt met je bloemen het verschil maakt dus.
  • gooi je bloembommen niet in natuurgebieden
  • gooi je bloembommen niet op plekken waar iemand anders het beheer over voert, een boer, volkstuinier of een park.
  • gooi ze niet op plekken waar er onvoldoende licht, aarde of water is. Dat is een kwestie van boerenverstand, plantjes groeien op plekken waar de omstandigheden goed zijn.

Heb je kennis van wetgeving, of wel eens te maken gehad met ‘de wet’ tijdens het bloembombarderen of guerrilla gardenen?

Help een ander met jouw commentaar onder dit artikel!

(Wil je deze tekst overnemen, graag met vermelding van deze post als originele bron. De tekening bij dit artikel is door Micky Dirkzwager.)