#4 Korenbloem – Boomspiegel Bestie

#4 Korenbloem – Boomspiegel Bestie

Boomspiegel Bestie

Het is herfst en de grond is nog lekker warm. Ook valt er steeds meer regen. Warmte en vocht: perfecte omstandigheden voor planten om zich lekker te nestelen. Ideaal weer dus om een aantal vaste planten uit te kiezen voor je boomspiegel. We lichten er vier voor je uit. Vandaag: de korenbloem.


#4 Korenbloem

Korenbloem

Centaurea cyanus

  • Bloeit: juni – september
  • Wordt 40 tot 60 cm hoog
  • Een inheemse plant

Het hemelsblauw van de korenbloem

De korenbloem is een inheemse, eenjarige plant die zo’n 30 tot 60 centimeter hoog wordt. De stengel is stevig en behaard en heeft smalle, lange bladeren. En dan de kleur! De hemelsblauwe bloem maakt de korenbloem superherkenbaar.

De korenbloem hoort bij de zogenoemde ‘akkerbloemen’: wilde bloemen die goed gedijen op de akkers. Vandaar dus die naam. Korenbloem heeft niet zoveel ruimte nodig en dus is een plekje tussen het graan ideaal. Je zult helaas steeds minder blauwe bloemen zien die de gele akkers opvrolijken. Tegenwoordig worden de granenmengsels voor de akkers namelijk gezuiverd, wat betekent dat de korenbloem vrijwel niet meer voorkomt op de akkers.

Gelukkig zijn er boeren die ervoor kiezen om aan de rand van hun akkers korenbloemen en andere akkerbloemen te zaaien. Hier komen vlinders, bijen en andere nuttige dieren op af. Goed voor de biodiversiteit én het ziet er prachtig uit.


De korenbloem is een makkelijke plant

Geen plaats meer op de akker? Gelukkig doet de korenbloem niet zo moeilijk: ook in je boomspiegeltuintje gedijt de bloem goed. Het belangrijkste is dat je een zonnig plekje zoekt waar het niet al te nat wordt. Kijk dus vooral naar de kant van de boom waar het meeste zon komt; daar wil je zaaien. O ja, als er al veel groeit op de plek waar je wilt zaaien, kan het zijn dat er te weinig licht bij de zaadjes kan. Zorg er dus voor dat je zaait op kale grond. Kort gemaaid gras kan ook, maar na het zaaien niet meer maaien natuurlijk.

Je kunt de korenbloem heel makkelijk uit zaad laten opkomen. Wil je hetzelfde jaar nog bloemen? Zaai dan in april of mei. Als je later in het jaar zaait, bijvoorbeeld in oktober, dan bloeit de bloem in de volgende lente. Je kunt korenbloem uit de hand zaaien, de zaadjes hoeven niet per sé onder de grond terecht te komen. Maar let op: vogels vinden de zaadjes lekker. Je kunt dus een (dun!) laagje aarde over de zaadjes leggen. En de korenbloem houdt niet van nat, maar wel van vochtig. Dat helpt bij het ontkiemen. Let er dus op dat de grond niet gortdroog is.

De korenbloem is eenjarig, maar zaait zichzelf aan het einde van de zomer uit. Het jaar erop heb je dus als het goed is gewoon weer bloei.


De verzorging is supersimpel

Op de akker wordt de korenbloem beschermd door het hoge gras. Plant je de bloem in een boomspiegel of in de berm, dan is de bloem kwetsbaarder. Zeker als de bloem flink de hoogte in schiet, dan is de kans dat de bloem knakt groter als er geen bescherming is. Kijk dus of je een beschut plekje kunt vinden voor het zaaien. In de buurt van andere planten bijvoorbeeld, of naast een haag of muurtje.

Verder heb je naar de korenbloem niet veel omkijken. Behalve als je de tijd meerekent die je nodig hebt om de blauwe bloem te bewonderen. Je kunt de bloem trouwens ook makkelijk in huis halen: oogsten ‘m als snijbloem. Zet de korenbloem in een vaasje en je haalt de hemel in huis. Op z’n minst toch de kleur.


Eetbaar

Bijen, hommels en vlinders voeden zich met de nectar van de korenbloem; het is een echte drachtplant. Ook voor ons mensen zijn korenbloemen eetbaar. De smaak van de bloem is mild zoet. Durf je het eten niet aan, dan staat de bloem alsnog fantastisch op je bord: ter decoratie van je gerecht.


Leuk weetje: in de Griekse mythologie wordt centaur (= een figuur dat half mens, half paard is) Cheiron benoemd als de ontdekker van de helende kracht van de korenbloem. Hij gebruikte korenbloemen om zijn wond te stelpen, nadat hij was geraakt door een pijl die was gedrenkt was in het gif van de negenkoppige slang Hydra. Heb je een iets minder spectaculaire kwaal, dat biedt korenbloem wellicht ook soelaas. De gedroogde en gemalen korenbloem vind je regelmatig als ontstekingsremmer in geneeskrachtige kruidenmengsels.


Buurtbewoners beplanten hun geadopteerde boomspiegel in Utrecht

Boomspiegel Besties

We maakten een lijst van onze favoriete planten voor in een boomspiegel. Korenbloem is een favoriete inheemse plant, die goed groeit in een lichte boomspiegel.

Bekijk de hele lijst van Boomspiegel Besties hier.


Heb jij ook een favoriete guerrilla plant? We zijn heel benieuwd welke dat is! Laat je het weten in de opmerkingen onder dit artikel?

#3 Bosaardbei – Boomspiegel Bestie

#3 Bosaardbei – Boomspiegel Bestie

Boomspiegel Bestie

Het is herfst en de grond is nog lekker warm. Ook valt er steeds meer regen. Warmte en vocht: perfecte omstandigheden voor planten om zich lekker te nestelen. Ideaal weer dus om een aantal vaste planten uit te kiezen voor je boomspiegel. De komende weken lichten we er vier voor je uit.


#3 Bosaardbei

Bosaardbei

Fragaria vesca

  • Bloeit mei – juni en september – oktober
  • Wordt 25-30 cm hoog
  • Inheems
  • Vaste plant

Bosaardbei groeit graag op vochtige grond

Je kent ‘m wel: de bosaardbei. Een laag, groenblijvend plantje met rode ronde vruchtjes. Zoals de naam al doet verraden, groeit de bosaardbei graag in het bos. Of op een andere schaduwrijke plek waar het vochtig is. Je vindt ‘m veel aan bosranden of in parken, en ook jouw boomspiegeltuin kan heel goed dienst doen als ondergrond. Het plantje staat goed in de zon maar ook in (lichte) schaduw, zolang de bodem maar niet te droog is. Ondanks dat de bosaardbei houdt van humusrijke, vochtige grond, kun je het plantje prima aanplanten in een wat lichtere setting. Volle zon is minder goed. Zorg er sowieso voor dat de grond nooit helemaal uitdroogt.

Als je een bosaardbei plant, weet dan dat je er binnen de kortste keren heel veel van hebt. De plant maakt bovengrondse uitlopers waaraan weer nieuwe plantjes zich ontwikkelen. Zo heeft de aardbei vaak een boel babyplanten om zich heen. De bosaardbei vermenigvuldigt zich snel en duldt weinig tot geen andere planten in de buurt.

Leuk om te weten: de bosaardbei is niet de voorouder van onze tuinaardbei.


Smullen van de schijnvruchtjes

De bosaardbei bloeit in mei – juni, wat betekent dat je de vruchtjes in de zomer kunt plukken. Soms is er een tweede bloeiperiode in het najaar: september – oktober. Het is dus niet vreemd als je in de herfst een bosaardbei vindt tijdens je boswandeling. De vruchtjes zijn heerlijk als tussendoortje! Of eigenlijk moeten we zeggen: schijnvruchtjes; de pitjes zitten namelijk aan de buitenkant.

Schijnvrucht betekent echter niet dat je de bosaardbei niet kunt eten. Sterker nog, de aardbeitjes zijn fris en zoetzuur en rijk aan vitamine C. Ze zijn zeer geschikt voor fruitsiroop of jam. Ook de bladeren kun je eten: voeg ze toe aan je kruidenthee of eet ze als spinazie of in de salade. Er wordt zelfs gezegd dat de bosaardbei helpt tegen bloedend tandvlees en diarree… Dat mag je zelf gaan uitproberen.


Bosaardbei of schijnaardbei?

Het vruchtje van de bosaardbei is dus een schijnvrucht. Maar dan is er ook nog de schijnaardbei en dat is een heel andere plant. Hier geven we de verschillen aan, zodat je nooit meer hoeft te twijfelen. Maak je trouwens geen zorgen over het eten van de vruchtjes – zowel de aardbeitjes van de bosaardbei als van de schijnaardbei zijn eetbaar. Die van de schijnaardbei zijn alleen wat minder sappig. Niet giftig, dus.

  • Tijdens de bloei zie je het duidelijkste verschil. De bloesem van de schijnaardbei is geel, die van de bosaardbei is wit.
  • In de vruchtperiode zie je een ander groot verschil. De vruchtjes van de schijnaardbei staan omhoog. Bij de bosaardbei hangen de vruchtjes. Je ziet nu ook dat de schijnaardbei zijn vruchtje presenteert op een groot kroontje, terwijl de kelkblaadjes van de bosaardbei veel kleiner zijn.
  • De bladeren verschillen ook, maar daarvoor moet je wat beter kijken. De onderkand van de bladeren van de bosaardbei zijn zilverwit. De bladeren van de schijnaardbei zijn ook aan de onderkant groen.
  • Voor de echte liefhebber: ga eens kijken naar voortplanting. Bij de bosaardbei zul je zien dat de kleintjes door de lucht worden ‘geworpen’. De schijnaardbei blijft dichter bij de grond en schuift nieuwe uitlopers via de grond van zich af.

Leuk weetje: de aardbei is al sinds de prehistorie een geliefde plant. Het plantje was ooit het symbool van de heilige maagd Maria. In de Middeleeuwen representeerde de vrucht juist werelds genot. Tegenwoordig symboliseert het vruchtje, naast het ultieme zomergevoel, ook de perfecte vriendschap.


Buurtbewoners beplanten hun geadopteerde boomspiegel in Utrecht

Boomspiegel Besties

We maakten een lijst van onze favoriete planten voor in een boomspiegel. Check hier welke bloemen er naast de bosaardbei ook zeer geschikt zijn.

Bekijk de hele lijst van Boomspiegel Besties hier.


Heb jij ook een favoriete guerrilla plant? We zijn heel benieuwd welke dat is! Laat je het weten in de opmerkingen onder dit artikel?

#2 Echte lavendel – Boomspiegel Bestie

#2 Echte lavendel – Boomspiegel Bestie

Boomspiegel Bestie

Het is herfst en de grond is nog lekker warm. Ook valt er steeds meer regen. Warmte en vocht: perfecte omstandigheden voor planten om zich lekker te nestelen. Ideaal weer dus om een aantal vaste planten uit te kiezen voor je boomspiegel. De komende weken lichten we er vier voor je uit.


#2 Echte lavendel

Echte lavendel

Lavandula angustifolia of Lavandula officinalis

  • Bloeit: juni – augustus
  • Wordt 30 tot 70 cm hoog
  • Een exoot
  • Vaste plant

Echte lavendel houdt van zon en steen

Je ruikt lavendel, je doet je ogen dicht en je waant je in Zuid-Frankrijk… Deze stevige struik komt oorspronkelijk uit mediterraan gebied en groeit daar op droge, rotsige grond. Lavendel voelt zich thuis in de volle zon in een stenige omgeving. Maar allang niet meer alleen in Frankrijk!

Echte lavendel is een vaste plant die elk jaar bloeit. Kies een plek waar de zon vaak komt en zet daar je plant neer; echte lavendel kan namelijk goed tegen droogte. Verder vraagt de plant niet veel. Staat ‘ie eenmaal stevig in je boomspiegeltuin, dan heb je er dus jaren plezier van! Wel waardeert de plant wat snoeiwerk. De uitgebloeide stelen snoei je weg, maar laat wel wat groene blaadjes over. Vanaf het kale hout loopt de lavendel namelijk niet meer uit.


De goede eigenschappen van echte lavendel

De kleur van echte lavendel is… tja, lavendel! De kleine bloemetjes staan bekend om hun zachtpaarse kleur. De stelen van echte lavendel zijn meer grijs-groen, maar wij zeggen liever ‘zilver’. Dat staat zo mooi bij alle goede eigenschappen van de plant…

Echte lavendel is namelijk een ware insectenvriend. Let er maar eens op: grote kans dat je een hommel, vlinder of andere fladderaar van de paarse bloempjes ziet genieten. En dat zie je natuurlijk graag in jouw boomspiegeltuin! Zo nodigt de plant die nuttige beestjes uit naar de stad, waar ze van harte welkom zijn.

Je kunt de lavendelbloemetjes trouwens ook zelf goed gebruiken. Van de geur wordt gezegd dat het een rustgevende werking heeft. Oogst de bloemen als ze nog helemaal openstaan, maak er een bosje van en hang ze te drogen. Vervolgens kun je lavendelolie maken, of lavendelkoekjes bakken, of een geurbuideltje maken. Zo draag je de kalmerende geur nog lang met je mee.

Heb je nog meer ideeën voor de toepassing van lavendel, of een tip voor het onderhoud? Laat je berichtje achter in de comments onder dit artikel.


Geursensatie voor de buurt

Beplant je jouw boomspiegel met echte lavendel, dan geef je je buurt dus een jaarlijkse geursensatie kado! En met zo’n kalmerend effect kunnen er misschien wel burenruzies worden voorkomen. Het proberen waard, toch?


Leuk weetje: het woord ‘lavendel’ komt van het Latijnse werkwoord ‘lavare’, wat wassen betekent. Lavendel werd vroeger namelijk vaak gebruikt om het in de Romeinse washuizen wat lekkerder te laten ruiken…


Lavendel in een boomspiegel

Boomspiegel Besties

We maakten een lijst van onze favoriete planten voor in een boomspiegel. Natuurlijk staat echte lavendel er ook tussen! Bekijk de hele lijst van Boomspiegel Besties hier.


Heb jij ook een favoriete guerrilla plant? We zijn heel benieuwd welke dat is! Laat je het weten in de opmerkingen onder dit artikel?

#1 Rotsooievaarsbek – Boomspiegel Bestie

#1 Rotsooievaarsbek – Boomspiegel Bestie

Boomspiegel Bestie

Het is herfst en de grond is nog lekker warm. Ook valt er steeds meer regen. Warmte en vocht: perfecte omstandigheden voor planten om zich lekker te nestelen. Ideaal weer dus om een aantal vaste planten uit te kiezen voor je boomspiegel. De komende weken lichten we er vier voor je uit.


#1 Rotsooievaarsbek

Rotsooievaarsbek

Geranium macrorrhizum

  • Bloeit: mei – juni
  • Wordt ongeveer 30 cm hoog
  • Oorspronkelijk uit Zuid-Europa
  • Vaste plant

Rotsooievaarsbek is een makkelijke bodembedekker

Heb je een boomspiegel geadopteerd waar je niet teveel tijd aan kwijt kunt zijn? Dan is rotsooievaarsbek je plant. De tere roze bloempjes bloeien in mei en juni, maar verkijk je niet op de schattige bloemetjes: deze plant is een knaller! Via de wortelstokken verspreidt de plant zich razendsnel en neem veel ruimte in. Rotsooievaarsbek is een bodembedekker die het bijna overal goed doet: zon, schaduw en zelfs enige droogte deert deze plant niet.

Van oorsprong komt de plant voor in het zuiden van de Alpen, de Balkan en de Apennijnen. Een bergplantje dus, kijk maar naar de naam. Toch past de plant zich makkelijk aan. Zo goed zelfs, dat je hele buurt volstaat met rotsooievaarsbek als je niet uitkijkt. De begrenzing van de boomspiegel is daarom perfect. Je bedekt de bodem rond de boom én je voorkomt woekeren.


Roze, wit, paars en groen

In mei en juni komt de plant uitbundig tot bloei met meestal roze-rode bloemetjes (maar er zijn ook witte en donkerpaarse varianten). Al snel zul je bijen en vlinders zien! De mooie groene bladeren zijn vrij groot en redelijk behaard. Rotsooievaarsbek is half wintergroen, wat betekent dat de plant ‘s winters maar heel kort de bladeren verliest. 

Naast de rotsooievaarsbek zijn er nog heel veel andere soorten ooievaarsbekken, bijvoorbeeld de zachte ooievaarsbek en de roze ooievaarsbek. De naam komt van hun vrucht die samen met de steel lijkt op de snavel, top en hals van een ooievaar.

De rotsooievaarsbek (en de andere planten in deze familie) is één van onze favoriete guerrillaplanten, omdat deze het bijna overal goed doet. En om de schattige bloemetjes, natuurlijk!


Leuk weetje: door het planten van rotsooievaarsbek op een plek waar zevenblad woekert, kun je ervoor zorgen dat zevenblad zich gedeisd houdt. Dit geldt ook voor een overvloed aan brandnetel of braam.


Buurtbewoners beplanten hun geadopteerde boomspiegel in Utrecht

Boomspiegel Besties

We maakten een lijst van onze favoriete planten voor in een boomspiegel, de rotsooievaarsbek staat natuurlijk in het lijstje.

Bekijk de hele lijst van Boomspiegel Besties hier.


Heb jij ook een favoriete guerrilla plant? We zijn heel benieuwd welke dat is! Laat je het weten in de opmerkingen onder dit artikel?

Zaadjes zaaien – hoe doe je dat?

Zaadjes zaaien – hoe doe je dat?

Zaadjes zaaien – hoe doe je dat?

Je hebt misschien onze blog gelezen over zaden oogsten. Leuk en aardig, al die zakjes en potjes gedroogde zaden, maar wat doe je er vervolgens mee? In dit blog leggen we je de basis van het zaadjes planten uit.

Laten we maar gelijk met de deur in huis vallen: er is niet één juiste manier om zaadjes te planten. Er zijn ontzettend veel bloemen en planten en zoals je bij het oogsten van de zaadjes hebt gezien heeft iedere plant zijn eigen maniertjes. De verschillen in grootte, vorm en structuur van de zaadjes vertalen zich naar de beste manier om te zaaien. Er is dus heel veel te leren over zaaien. Maar, laat je hierdoor niet afschrikken! Oefening baart kunst, en we hebben een aantal handige tips voor je die je helpen bij het kweken van een prachtige bij-vriendelijke bloemenzee.


Wilde bloemzadenmix

Tip 1: spreid je kansen

Zaai niet al je zaadjes in één keer. Planten hebben een natuurlijke bloeiperiode, die vaak over enkele maanden verspreid is. Als jij je zaadjes dus verdeelt over bijvoorbeeld drie zaaiperiodes, dan kun je drie keer zo lang van het resultaat genieten! Zorg er dus voor dat er altijd wat te strooien in je jaszak zit 😉


Tip 2: kies de grond

Het is van belang om te zaaien op grond die jouw zaadje goed opvangt. Een té harde ondergrond kun je dus best een beetje losmaken (denk aan de grond onder een verwijderde stoeptegel). Kijk dus voor je zaait even naar de grond. Te hard? Dan kan je zaadje zich moeilijk nestelen. Te drassig? Je zaadje stroomt met de volgende bui zo de goot in…

Zorg er ook voor dat er niet teveel natuurlijke vijanden in de buurt zijn. Brandnetels zijn bijvoorbeeld flinke woekeraars – grote kans dat jouw zaadje zich in het brandnetelbos geen weg naar boven weet te groeien. Vaak is er aan de randen van prikstruiken vaak weer wél plek voor een bloemenrand.


Tip 3: de juiste diepte

Zaadjes hoeven niet zo diep de grond in, ongeveer 1,5 tot 2 keer het formaat van het zaadje. En ja, dat betekent voor mini-zaadjes zoals die van de klaproos dat ze echt maar 2 mm onder de aarde gaan. In jouw guerrilla-buurttuin kun je hier meer aandacht aan besteden dan wanneer je gaat wildzaaien. De natuur is namelijk zeer intelligent en kent de regels van voortplanting heel goed. Je hoeft dus niet met een liniaal op pad te gaan. 


Klaprozen groeien niet in kaarsrechte rijtjes

Tip 4: zaai op natuurlijke wijze

Die liniaal kun je sowieso thuislaten, want ook voor de afstand tussen de zaadjes nemen we de natuur als voorbeeld. Ooit weleens een kaarsrecht rijtje klaprozen in de berm zien staan? Nee dus. Je hoeft niet nauwkeurig af te meten waar je zaadjes precies de grond in gaan. Een handje zaadjes kun je het best soepeltjes in de breedte werpen – zo krijg je een natuurlijk effect én creëer je tussen de zaadjes voldoende ruimte voor groei. Trouwens, als je wildzaait heb je niet eens tíjd voor zo’n meting. Je werpt in het voorbijgaan vlot wat zaadjes opzij en klaar!


Tip 5: benoem je bloem

Wil je graag weten welk groen sprietje er boven de grond uitkomt in je guerrillatuin? Zorg er dan voor dat je jouw gezaaide grond markeert. Zo voorkom je dat je wilde-bloemen-zaailingen verwart met je komkommer en aubergine. Veel bloemen en kruiden kun je trouwens prima gebruiken in de keuken, is nog lekker en gezond ook.

Markeren doe je natuurlijk niet als je wildzaait. Wel kun je een mentale notitie maken. Steeds als je langsloopt of fietst check je even hoe het met ‘jouw’ zaadjes gaat!


Tip 6: water geven

De zaadjes die je zaait hebben al flink wat voedingsstoffen bij zich, zodat ze kunnen ontkiemen. Voor je wildgezaaide zaadjes geldt natuurlijk dat de regen je helpt met water geven, maar je kunt ook best af en toe met een gieter langs gaan. In je eigen tuin let je extra op in droge periodes, en sproei je met je gieter wat extra liefde de grond in. 

Door water te geven zorg je ervoor dat je plantjes verder kunnen groeien. Let op dat je liever sproeit dan een dikke straal water geeft. Dan kunnen de zaadjes namelijk wegspoelen of te wegzakken. Dan zullen ze eerder gaan rotten dan bloeien. 


Tip 7: wees geduldig

Ja, ook na het zaaien is er tijd nodig voordat je bloempjes zich zullen laten zien. De ene soort is natuurlijk sneller dan de ander. Juist tijdens dit wachten is het superleuk om de groei goed in de gaten te houden. Als je fotootjes maakt van het proces zul je zien hoe je zaadjes zich ontwikkelen. Des te leuker is de dag dat ineens de bloem tevoorschijn komt!


Tip 8: eenjarige bloemen

Veel van de bloemen die goed zijn voor bijen en vlinders zijn eenjarig. Dat betekent dat ze één jaar bloeien, vervolgens zichzelf weer uitzaaien en dan afsterven. Het volgende jaar groeit er een compleet nieuwe plant.

Veel eenjarige bloemen kun je vanaf half april buiten zaaien. Met soorten die niet tegen vorst kunnen, wacht je het best tot half mei. Veel wilde bloemen kun je prima aan het einde van de zomer zaaien – de tijd van het jaar dat de plant het zelf ook doet. Ze zullen dan als kleine plantjes overwinteren en in het voorjaar vroeg bloeien. Denk bijvoorbeeld aan bolderik, kamille, klaproos, korenbloem. Toevallig bloemen die wij verkopen in onze zaadjespakketten 🙂


Zaaddoos met zaadjes van de stokroos

Tip 9: twee- of meerjarige bloemen

Twee- of meerjarige bloemen bloeien pas vanaf het tweede jaar, waarbij meerjarige planten soms zelfs pas in het derde of vierde jaar tot bloei kunnen komen. Deze soorten kun je dus met gemak in de zomer zaaien. Het jaar erop is de kans groot dat je eer ziet van je werk! Voorbeelden van tweejarige bloemen: stokroos, vingerhoedskruid, middelste teunisbloem. Meerjarig zijn onder andere margriet, madeliefje, rode klaver, dropplant en rode zonnehoed.


Tip 10: scarificatie = extra hulp

Het is niet noodzakelijk, maar je kunt nóg iets doen voor je zaadjes. Door ze voor je gaat zaaien een nachtje in warm water te laten weken, help je het zaadje om makkelijker te ontkiemen. Dit proces heet ‘scarificatie’. In de wilde natuur gebeurt dit bijvoorbeeld door vorst en dooi, of doordat een vogel het zaadje opeet en uitpoept. De natuurlijke beschermlaag van het zaadje wordt opengebroken en er ontstaat een litteken (scar). Hierdoor kan het zaadje in het voorjaar makkelijker ontkiemen. Neem van ons aan: het is niet nodig om een vogel na te bootsen. Je zaadjes een nachtje in warm water laten weken heeft hetzelfde effect.


Bloemwonder

In ieder zaadje dat je in je hand houdt, huist álle voeding die het nodig heeft om onder de grond te ontkiemen en álle informatie die het nodig heeft om te groeien tot de bloem die ze in essentie is. Dat is toch fantastisch?

Gooo zaadjes! En GO YOU! Veel plezier met zaaien!


Tot slot

Vergeet tot slot het volgende niet: zelfs als je alle tips ter harte hebt genomen kan het nóg gebeuren dat je bloemen niet opkomen. Dit hoort erbij! De natuur heeft zo haar eigenaardigheden… Ook al zorgen wij voor de perfecte basisomstandigheden, de balans tussen zuurstof, vocht en warmte is een fragiele. Wij hebben nu eenmaal niet alles in de hand.

Hoe dan ook: je hebt je best gedaan! Blijf positief en verwacht een verrassing… je weet het nooit met die zaadjes!


Heb jij nog een goede zaaitip? Deel het met ons in de comments!