deel 3: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier.

deel 3: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier.

Karin woont in het buitengebied en is benieuwd hoe ze dan kan guerrilla gardenen. In haar vorige blog leerde ze dat het maaibeleid van invloed is op bloemen zaaien. In deze aflevering gaat ze aan de slag met tips van lezers.


Zó leuk, al die reacties van ‘mijn’ lezers! 🤩 Ik word er heel blij van. Zelfs via Twitter wordt er met mij meegedacht, dit is een van de reacties: “In het buitengebied doen wij niet aan Guerrilla Gardening, maar Guerrilla Forestry! Dus bomen ipv boomspiegels, bermen ipv tegelwippen. Zelfde principe, andere schaal.”

Het luistert nauwer dan in een woonwijk, omdat verspreiding hier makkelijker en sneller gaat en daarmee de impact groter kan zijn. Dus moet ik extra voorzichtig zijn met wat ik zaai of aanplant. En ik heb overburen, neem ik hun uitzicht niet weg als ik op het rommellandje boompjes poot? Een leuk idee, maar ik moet het even laten bezinken.

Hoewel voorzichtig zijn met wat je aanplant overal geldt natuurlijk, want het advies dat ik kreeg om de juiste zaden te kopen, geldt voor iederéén die wil guerrilla-gardenen! De zogenaamde ‘carnavalsmengsels‘ die je voor een paar dubbeltjes bij de supermarkt of bijvoorbeeld de Action kunt kopen, zijn namelijk helemaal niet altijd zo fijn voor insecten, heb ik ontdekt. Niet alleen komen ze uit andere landen (waar andere soorten of een nét even andere ‘uitvoering’ inheems is), ze worden ook in pesticiden gedompeld om te voorkomen dat ze voortijdig worden opgepeuzeld. 😳 En dat betekent dat ook de plantjes die eruit groeien giftig zijn, dus ook het stuifmeel en de nectar. En de zaadjes die ze laten vallen, zij het dan in steeds mindere mate. Waarmee zulke goedbedoelde acties dus eigenlijk alleen het probleem verergeren, want vlinders die gif drinken gaan natuurlijk dood. En bijtjes die het stuifmeel naar hun larven brengen, zien hun kroost niet opgroeien. 😢 

Kortom: bezint eer ge begint, goedkoop is vaak duurkoop. 


Op zoek naar de juiste zaadjes dus. Meteen na het lezen van de reacties ben ik research gaan doen; er is zoveel te vinden op internet! Ik heb Cruydt-Hoeck gemaild en kreeg een weide- en een akkermengsel geadviseerd. Dat laatste verkoopt Guerrilla Gardeners NL zelf ook en na even overleggen met Jenny bestel ik het processierups terminator mengsel ter vervanging voor de weidebloemen. Een thuiswedstrijd, of is het een een-tweetje? (om even bij het voetbal aan te haken). ⚽️ Dat wordt een vrolijke mix!

Ik ga het gewoon proberen. Het is inmiddels wel juli, al zou je het niet zeggen, maar in dit geval werkt het weer hopelijk in mijn voordeel. Het ergste wat er kan gebeuren is dat er niks opkomt, nou ja. 🤷‍♀️ 


Waardplanten

Zoals Jocelyn in haar reactie op mijn vorige blog terecht opmerkte is het belangrijk om voor waardplanten te zorgen, die zijn immers nodig om eitjes op af te zetten en om larven mee te voeden.

Ik dacht: dat zijn niet altijd de mooiste qua uiterlijk, dus kiezen we er niet zo snel voor om ze in de boomspiegel of andere buurtplekjes te zetten, maar hier buiten doet dat er niet toe. Dus op zoek naar waardplanten. En wat blijkt? ALLE wilde inheemse planten zijn waardplanten! Is dat even handig. 😁 

En zie: ik heb er al een paar in mijn bermpje staan: ridderzuring (voor de zuringvlinder), gestreepte witbol (voor diverse dikkopjes, nachtvlinders) en smalle weegbree (o.a. voor de weegbreebeer, ook een nachtvlinder). Niet de vlinders die we vaak zien, maar minstens even belangrijk. Nou, dat maakt dat deel van de zoektocht in elk geval een stuk simpeler. 😁


Don Quichot

Terwijl ik dit schrijf komt er een jongeman met een bosmaaier langs. Gelukkig ziet hij onze berm als tuin en maait hij alleen een paar plantjes af die in de kieren van het betonnen bruggetje groeien. Ik zie daar toch echt het nut niet van in. Ik heb de gemeente al eens op Facebook aan haar jasje getrokken over het maaibeleid, maar dan krijg ik zo’n standaard reactie van een pr medewerker. Soms voel ik me net Don Quichot en dan heb ik nog niet eens zelf gezaaid. 🙄

Nou groeit het hier heel snel terug, maar gebeurt dit bij jullie ook? Mogen er in het gemeentegroen en tussen de stoeptegels geen onkruidjes groeien en komt groenbeheer met schoffel en stoomspuit langs? Of misschien hebben jullie wel buren die met azijn aan de gang gaan, want het moet er tenslotte wel ‘netjes’ uitzien. Terwijl al die stoepplantjes juist zo nuttig zijn en er óók op die plekken bodemleven is.

Hoe gaan jullie daar mee om? 


Karin.


In het volgende deel van haar dagboek lees je of het Karin nog gelukt is te zaaien en welke nieuwe vragen er zijn gerezen.

Buurtvergroeners: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier. deel 2

Buurtvergroeners: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier. deel 2

Karin woont in het buitengebied en is benieuwd hoe ze dan kan guerrilla gardenen. In haar vorige blog kwam ze erachter dat dat ‘buiten’ toch iets anders gaat dan in een woonwijk. In deze aflevering gaat ze op zoek naar een alternatief.


Het blijft toch kriebelen.

Wij wonen aan een doorgaande vaart en ze zijn aan de overkant bezig met het ophogen van de dijk. Nu is ‘dijk’ een relatief begrip, want bij ons achter is-ie nauwelijks een halve meter hoger dan de kant, maar toch. 

Zou het niet leuk zijn als we daar straks tegen een zee van bloemen aankijken?
N.a.v. mijn vorige blog adviseerde ik lezeres Annette om contact op te nemen met de gemeente. Ik moest mijn eigen raad maar eens gaan opvolgen, dus ik bel. 

Een vriendelijke dame vindt het leuk dat ik me wil inzetten voor de natuur en zegt dat ik best wat bloemen mag zaaien in de bermen langs de weg en aan de overkant van het water, maar wel alleen als ik dat verantwoord doe. Dus met bloemenmengsels ‘van hier’ en biologisch. Oké. Ik moet dus zien te achterhalen welke planten hier van nature in de omgeving thuishoren. 

Vervolgens begint ze over het maaibeleid. Dat ik wel moet opletten, want dat er hier nog geklepeld wordt (nooit van gehoord) en dat het zo jammer is van al mijn werk (en mijn centjes) als er dan niets opkomt. Als ik zeg dat ik geen idee heb waar ze het over heeft, krijg ik uitvoerig en geduldig uitleg. Wat een verademing, zo’n lieve gemeentemevrouw. Ze adviseert me nog contact op te nemen met iemand in het dorp verderop, van wie ze weet dat die ook bezig is met buurtvergroening, maar ik heb voor nu wel even stof tot nadenken genoeg. 

Klepelen (voor wie dat ook niet weet) is dat met zo’n groot draaiend maaimes aan een trekker alles tot op de grond wordt afgehakt zal ik maar zeggen. Niet erg subtiel en al helemaal niet goed voor de beestjes. Want niet alleen het gras wordt vermorzeld, ook de insecten, hun larven en hun eitjes. 

Om zaadjes tot bloei te kunnen laten komen, moet grasland ‘verschraald’ worden. Dat houdt o.a. in dat je weinig maait én het maaisel niet laat liggen, want dan wordt het weer extra voeding. Dat is trouwens óók handig om te weten als je in je buurt bloemenweitjes wilt creëren! Informeer bij je gemeente naar het maaibeleid en zet het desnoods af met lint en bordjes. Maai-mensen worden vaak ingehuurd en kijken niet zo nauw.

Oh en daarom doen die zaadmengsels het natuurlijk ook zo goed in boomspiegels! Dat is tenslotte al ‘arme’ grond, realiseer ik me nu. 😉

Nu dan, actie! Toevallig is er vorige week gemaaid, nou ja geklepeld, dus als ik met de grashark aan weerszijden van onze huizen de berm ontdoe van het maaisel, kan ik zaad strooien. Dat zijn wat bredere plekken, dus dat geeft meteen een ‘bloemenweide’ gevoel. ‘Rommelstukjes’ noemde Jenny ze, plekken die geen directe natuur zijn en die je meer als tuin zou kunnen beheren. Zoals boeren voorheen hadden en die ook ontzettend goed waren voor biodiversiteit. 

Of uhhhm… kan dat eigenlijk nog wel? Het is tenslotte al eind juni en zaaien doe je toch in het voorjaar? Even Googlen leert me dat er nog volop bloemen zijn die nu in de volle grond gezaaid kunnen worden. Bijenbrood, goudsbloem, cosmea, korenbloem, slaapmutsje, komkommerkruid, aster, zonnebloem… om er maar een paar te noemen. Dus: uitzoeken welke geen kwaad kunnen! 


Maar ja, hoe doe je dat? 

Karin.


In het volgende deel van haar dagboek lees je welke antwoorden Karin heeft gevonden en of het haar is gelukt de juiste bloemen te vinden.


Welke vraag heb jij aan Karin? Of welke tip wil je haar meegeven? 

Laat je reactie achter in de comments!

Buurtvergroeners: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier

Buurtvergroeners: dagboek van een buitengebied guerrilla tuinier

Karin woont in Vinkeveen, een heerlijk huis buiten de bebouwde kom, omringd door een grote tuin. Ze is enthousiast over guerrilla gardening. Maar hoe kan zij het oppakken? Lees mee met haar zoektocht in haar guerrilla gardeners dagboek. Dit is de eerste bijdrage.


“In maart 2020 vulde ik een vragenlijst in over guerrilla gardening. Als ‘beginnend vergroener’ was ik nieuwsgierig naar wat het allemaal inhield en wat ik ermee zou kunnen. Het huis waarnaar we verhuisd waren was door de vorige eigenaar omringd met puin, grind en tegels en ik popelde om ons directe leefgebied zo milieu- en diervriendelijk mogelijk te gaan maken. 

Dus gaf ik aan dat ik wel interesse had om me in te zetten voor de beweging, bijvoorbeeld door af en toe een stukje voor de site te schrijven. Een poosje later werd ik benaderd door Jenny voor een kennismaking.

Gaandeweg onze mailwisseling merkte ik dat ik een beetje tegen mijn beperkingen aan liep. Wij wonen namelijk niet in de stad maar in het zg. ‘buitengebied’, dus boomspiegels zijn hier niet. En buurtgenoten ook niet zo.  😉  Wel water, drasland, grasland en bermen.

Ik had al het enthousiaste plan opgevat leuk kleibommetjes rond te strooien, zag velden vol kleurige korenbloemen en klaprozen voor me, toen ik vernam dat dat ‘not done’ is. Oeps. Misschien wel als ik het aan de eigenaar van het weiland vraag? En ze zelf maak van biologisch inheems zaad? 

Zo was mijn eerste onderzoek geboren… Want waarom is het niet goed en wat mag ik dan wel? Mag ik uberhaupt wel iets? Inmiddels wist ik dat ik met mijn bommetjes de natuur juist zou verstoren vanwege ‘floravervalsing‘. Het is nu eenmaal niet de bedoeling planten te laten groeien waar ze van oorsprong niet thuishoren. Maar ja, wat dan? 

Karin.”


In het volgende deel van haar dagboek lees je hoe Karin haar zoektocht voortzet.

Welke vraag heb jij aan Karin? Of welke tip wil je haar meegeven?

Laat je reactie achter in de comments!

PlantProfiel: Bossalie

PlantProfiel: Bossalie

Bossalie – Salvia nemorosa

  • Bloeit van mei – september
  • Hoogte van 50 centimeter
  • Exoot uit Midden-Europa tot Azië
  • Vaste plant

Plant

De parmantige paarse aren van de bossalie zouden elke border moeten sieren. Daar zijn veel mensen én veel kleine beestjes het hartgrondig mee eens. Als de bossalie bloeit, is hij maar zelden alleen en is het een gezoem van jewelste om hem heen. Hij heeft geen moment rust, maar gelukkig houdt hij wel van een beetje gezelligheid.


Pluspunten

De zomers in Nederland worden steeds droger en warmer, maar daar heeft deze bossalie totaal geen problemen mee. Sterker nog, hij floreert onder deze omstandigheden.

De bossalie is de krachtpatser in de saliefamilie. Hij kan bijna overal overleven: in de stad, aan de kust, in bloembakken. Hij kan zelfs tussen stoeptegels groeien. 

Hij bloeit bovendien heel lang en is goed te combineren met bloembollen en andere planten.

In tegenstelling tot zijn broertje, de salvia officinalis, is de deze salie niet eetbaar. Hij heeft echter wel een heerlijke geur, die vlinders, bijen en vele andere insecten ook wel kunnen waarderen.


Praktijk

Ondanks zijn naam heeft de bossalie liever een plekje in de volle zon dan in een schaduwrijk bos. 

Plant de bossalie op een goed doorlaatbare plek, zoals een zonnige geveltuin of border of een lichte boomspiegel. Dat kan op elk moment, maar bij voorkeur in het voor- of najaar. Als je hem na de eerste bloei terugknipt, gaat hij nog een tweede ronde mee.

Het is een vaste plant die winterhard is, maar niet wintergroen. In de winter sterft hij boven de grond af, maar in het voorjaar begint hij gewoon weer te bloeien. 


Tekst: Annemiek Brand
Tekening: Jenny van Herrewegen


Mis je nog iets of heb je een vraag? Laat dan hieronder een reactie achter. 


De bossalie is een van onze Boomspiegel Besties. Bekijk ze allemaal.

PlantProfiel: goudsbloem

PlantProfiel: goudsbloem

Calendula officinalis

  • Bloeit van mei – november
  • Hoogte van 20 tot 40 centimeter
  • Exoot uit Zuid-Europa
  • Eenjarige plant

Plant

Met de goudsbloem heb je echt goud in handen. Wie wordt er niet vrolijk van zijn zonnige kleur? En als hij eenmaal bloeit, weet hij van geen ophouden. Als zelfs de meest geharde planten al zijn uitgebloeid, staat de goudsbloem nog volop te stralen. Nog een leuk weetje: Zodra de zon ondergaat, sluit de bloem zijn blaadjes. 

De plant wordt ook genoemd in The Winter’s Tale van Shakespeare: 

“De goudsbloem gaat gelijk met de zon slapen, en komt er huilend weer mee op.”


Pluspunten

Op de goudsbloem is eigenlijk weinig aan te merken. Hij is eenvoudig te zaaien, groeit snel en lang en heeft een mooie oranje of gele kleur. Bovendien trekt hij insecten aan en is het een waardplant voor vele vlindersoorten. 

De plant is ook nog eens eetbaar en doet wonderen voor de huid. Je hebt zijn Latijnse naam ‘calendula’ vast weleens voorbij horen komen in een cosmeticareclame. Daarnaast kun je er ook nog thee en olie van maken. 

Kortom: een plant die zijn naam eer aandoet.


Praktijk

De goudsbloem kan op alle grondsoorten groeien, maar houdt niet van al te natte voeten. Hij is geschikt voor geveltuintjes, boomspiegels en ga zo maar door, maar hij wil wel graag een beetje zon op zijn kruintje. 

Zaai de plant bij voorkeur van april tot juni. Dat is echt heel simpel: Strooi de zaadjes uit over de grond en bedek ze dan met een dun laagje aarde. Daarna heb je er geen omkijken meer naar. Om er nog langer plezier van te hebben kun je de uitgebloeide bloemen eraf knippen. 

In de jaren erna zaait hij zichzelf uit, dus jij en de hele buurt hebben er nog lang plezier van. 


Mis je nog iets of heb je een vraag? Laat dan hieronder een reactie achter.